Een Hollander voor in de boeken

De Reisopera heeft het weer voor elkaar gebokst! Het was een feestje voor oog en oor met de voorlaatste uitvoering van Wagner’s Der fliegende Holländer in Stadsschouwburg De Harmonie in Leeuwarden.

Het verhaal lijkt simpel: een jonge vrouw, Senta, dochter van kapitein Daland, die maar niet los kan komen van een mythische figuur, wiens dolende leven alleen gered kan worden als een vrouw hem trouw blijft tot de dood. Regisseur Paul Carr heeft aan, dat ze zo idolaat van deze figuur is, dat je het kunt vergelijken met stalken. En zo komt het ook over, zeker als je beseft dat we in Carr’s productie vooral door de ogen van deze jonge vrouw kijken. Zij heeft niet door wat haar gedrag, haar verliefdheid eigenlijk doet met de man die op zijn beurt alles voor háár over heeft, de jager Erik. Hun duet in de tweede akte wekt medelijden voor hem op…

Twee uur en twintig minuten zonder pauze. Een lange zit deze oerpartituur, maar het was prima te doen in het pluche van De Harmonie. Vanaf de eerste noot (je weet meteen waar het NNO je mee naartoe neemt) word je in je stoel gedrukt en gedwongen om te luisteren. En als het gordijn dan algauw opent, is de Hollander meteen in de zaal te voelen. Ook niet zo gek met zes van die knappe kerels op het toneel…

Consensus Vocalis opent stevig en houdt het niveau de hele voorstelling aan. De derde akte is de koorleden op het lijf geschreven, zowel in regie als qua zang. Het lijkt of ze na La traviata van vorig jaar nog beter zijn geworden!

Yorck Felix Speer zet een degelijke Daland neer; Thorsten Büttner zingt een hesige Stuurman. Beiden overtuigen weinig, het oogt netjes, vocaal springen ze er niet bovenuit. Dat in tegenstelling tot Ceri Williams, die als Mary qua spel zorgt voor de komische noot en zich vocaal prima staande houdt naast koor en andere solisten.

Dan de opkomst van de Hollander, een opkomst die gothic te noemen is. Indrukwekkend, maar Darren Jeffery lijkt er moeite mee te hebben en laat zich gedurende de voorstelling dikwijls overstemmen door de andere solisten of het orkest. Qua spel lijkt het wat vlak, ook in de scènes waar je misschien wat meer diepgang verwacht.

De Australische tenor Samuel Sakker heeft misschien een ‘kleine’ rol als Erik, maar je vergalopperen op de pittige duetten met Senta ligt op de loer. Sakker heeft zijn stem echter prima onder controle, benadert de partij van de lyrische kant en zet daarmee, inclusief zijn innemende spel, naar zijn hand.

En dan Senta, de vrouw waar het in deze productie om draait. Aile Asszonyi heeft een dijk van een stem en overtuigt het meeste van allemaal in haar spel. Dit is echt een vrouw die alles over heeft voor de liefde van haar leven, koste wat het kost. Een waar genot om naar te kijken en te luisteren!

Benjamin Levy heeft op de bok de touwtjes in handen en speelt het NNO, het koor en de solisten zonder problemen maar met absoluut veel diepgang en gevoel voor Wagner door de partituur. Visueel (decor en kostuum van Gary McCann) is deze Holländer ook prachtig om naar te kijken. En de choreografieën van Andreas Heise werken prima en werken aanvullend op het verhaal.

Al met al weer een avond voor in de boeken. De Reisopera zet voor mij de standaard in Nederland om op een moderne en verfrissende manier de opera een nieuw en fantastisch leven in te blazen!

Solisten en koor van Wagner’s ‘Der fliegende Holländer’ op 7 juni in Stadsschouwburg De Harmonie in Leeuwarden